Collegevragen inzake ‘BTW-sportvrijstelling en zwembad De Boetzelaer’ #wldebat

Westlandse Drone via Youtube

Dinsdag 26 maart 2019 – Per 1 januari 2019 is de btw-sportvrijstelling ‘verruimd’. De verruiming heeft grote gevolgen voor niet-winst beogende sportaanbieders en exploitanten van sportaccommodaties. Eén van de gevolgen is dat btw op investerings- en exploitatiekosten niet langer in aftrek kunnen worden gebracht.

Ook zwembad ‘de Boetzelaer’ valt onder de verruiming van de btw-sportvrijstelling. In de actualiteit van vandaag, betekent dit dat ‘De Boetzelaer’ bij de herbouw van het zwembad géén recht van aftrek heeft op de verschuldigde btw. In de veronderstelling dat een schade-uitkering van de verzekering (in ieder geval wat betreft de bouwkosten) ‘exclusief btw’ zal zijn, houdt dit in dat ‘de Boetzelaer’ met niet voorziene extra kosten van naar schatting € 2 mln tot € 2,5 mln zal worden geconfronteerd. Voor dit financieel nadeel is dan weliswaar een speciale subsidieregeling ontworpen; maar niet uitgesloten moet worden dat door de aanvraag- en beslisperiode en het karakter van de regeling (op=op) de voortgang van de herbouw van zwembad ‘De Boetzelaer’ ernstig gefrustreerd zal worden.

Deze overwegingen brengt de fractie van GBW tot de volgende vragen:

  • Onderkent uw college van BW de risico’s van een mogelijke vertraging in de voortgang van de herbouw van zwembad ‘de Boetzelaer’, een en ander zoals hiervoor geschetst?
  • Welke concrete maatregelen kan en wil uw college van B&W nemen om dit risico weg te nemen?
  • En, in welke mate kan uw college van B&W (in casu de gemeente) zwembad ‘De Boetzelaer’ (financieel) ondersteunen in het mitigeren van dit onverwacht financieel nadeel?

Fractie GBW

Remmert Keizer

Gerben Voois

André van den Berg

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.